Sectieheader verantwoording

splitsing

Splitsing

Ten behoeve van de realisatie van de splitsing is op 30 oktober 2008 door n.v. Nuon het wettelijk vereiste splitsingsplan ingediend bij de Raad van Bestuur van de Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa). Op 8 april 2009 stelde de Minister van Economische Zaken vast dat het Splitsingsplan, met inachtneming van de daarop door haar gegeven aanwijzingen, voldeed aan de wettelijke eisen.
Voorafgaand aan de instemming van de minister met het splitsingsplan werd in februari 2009 de overname aangekondigd van het productie- en leveringsbedrijf n.v. Nuon Energy door het Zweedse energiebedrijf Vattenfall. Op 17 juni 2009 werd door de aandeelhouders ingestemd met de afsplitsing en verkoop van n.v. Nuon Energy, kort daarop gevolgd door de goedkeuring van de mededingingsautoriteiten. Op 30 juni 2009 is n.v. Nuon Energy feitelijk afgesplitst van het moederbedrijf n.v. Nuon waarvan de naam op diezelfde datum is gewijzigd in Alliander N.V.

Met de afsplitsing van n.v. Nuon Energy werd uitvoering gegeven aan het groepsverbod zoals beschreven in de WON. In het hiervoor bedoelde splitsingsplan staat beschreven hoe de financiële ontvlechting is vormgegeven. Uitgangspunt daarbij was het creëren van twee financieel gezonde bedrijven met een evenwichtige financieringsstructuur. Daarbij is rekening gehouden met het feit dat Alliander hoofdzakelijk in een gereguleerde omgeving opereert, terwijl n.v. Nuon Energy op de vrije markt actief is. De in het splitsingsplan neergelegde financieringsstructuur doet recht aan de lange termijn investeringsbehoeften van beide bedrijven. Zo is uitvoering gegeven aan het Besluit financieel beheer netbeheerder, op grond waarvan de totale schuld van netbeheerder Liander N.V. gedeeld door de som van haar eigen vermogen en de totale schuld op de datum van splitsing maximaal 60% mocht bedragen.

De belangrijkste aanwijzing van de minister betrof de eis van een aanvullende kapitaalstorting vanuit n.v. Nuon Energy in het bedrijf van de netbeheerder van € 400 miljoen. De op basis van deze aanwijzing vereiste acties zijn vóór de juridische afsplitsing van Nuon Energy gerealiseerd. Op grond van een andere aanwijzing van de minister, verband houdend met de hieronder nader beschreven verkoop van de HS-netten van 110 kV en hoger aan TenneT, is bij de splitsing additioneel nog een bedrag van € 5 miljoen van n.v. Nuon Energy ontvangen. Teneinde volledig te voldoen aan de desbetreffende aanwijzing zal het vermogen in 2010 nog verder worden versterkt door een bedrag van € 15 miljoen in mindering te brengen op het aan aandeelhouders van Alliander uit te keren dividend over het resultaat van 2009.
Daarnaast moet Liander N.V. een buffer in het eigen vermogen aanhouden ter grootte van € 170 miljoen als gevolg van de risico’s die gepaard gaan met het hebben van bepaalde CBL’s.

Op grond van de WON dient Alliander een verklaring van een onafhankelijk deskundige over te leggen omtrent de uitvoering van het splitsingsplan overeenkomstig de inhoud daarvan. De desbetreffende verklaring, waarin tevens wordt omschreven op welke wijze uitvoering is gegeven aan de aanwijzing van de minister op het splitsingsplan, is op 18 december 2009 aan de Raad van Bestuur van de NMa toegezonden.

Na de afsplitsing van de productie- en leveringsactiviteiten zijn tussen Alliander en n.v. Nuon Energy nog enkele relaties blijven bestaan, onder meer verband houdend met het proces van facturatie en incasso van de kleinverbruikers (tot de invoering van het leveranciersmodel) en de onderverhuur van twee stadsverwarmingsnetten, die in verband met daarop gevestigde cross border leases niet bij de splitsing aan n.v. Nuon Energy konden worden overgedragen. Voorts zal nog een aantal gemeenschappelijke balansposten in de nabije toekomst worden afgewikkeld.