De som van lang- en kortlopende rentedragende verplichtingen onder aftrek van de liquide middelen en beleggingen.
Bruto-investeringen verminderd met de ontvangen bijdragen hierop van derden.
Eigen vermogen gedeeld door totaal vermogen.
Kasstroom uit operationele activiteiten verminderd met de netto-investeringen in materiƫle vaste activa.
Voorraden plus handelsvorderingen en overige vorderingen, minus kortlopende niet-rentedragende handelsschulden en overlopende passiva.