Sectieheader transparantie

bezoldigingsbeleid

Bezoldigingsbeleid

Uitgangspunten en structuur bezoldigingsbeleid

Krachtens de statuten van Alliander stelt de Raad van Commissarissen, na advies van de Selectie-, Benoemings- en Remuneratiecommissie, het bezoldigingsbeleid op voor de leden van de Raad van Bestuur. De Algemene Vergadering van Aandeelhouders stelt het bezoldigingsbeleid vast. Binnen het vastgestelde bezoldigingsbeleid stelt de Raad van Commissarissen, wederom na advies van de Selectie-, Benoemings- en Remuneratiecommissie, de bezoldiging en de verdere arbeidsvoorwaarden van de individuele leden van de Raad van Bestuur vast.

Het bezoldigingsbeleid van de Raad van Bestuur, zoals vastgesteld tijdens de Algemene Vergadering van 24 april 2006, is in 2009 voortgezet. Elke toekomstige materiële wijziging in het bezoldigingsbeleid zal aan de Algemene Vergadering van Aandeelhouders worden voorgelegd en zal schriftelijk en gelijktijdig ter kennisneming aan de Centrale Ondernemingsraad worden aangeboden.

Het doel van het bezoldigingsbeleid is om Alliander in staat te stellen gekwalificeerde en deskundige bestuurders aan te trekken, te motiveren en te behouden en het verband tussen beloning en prestatie te benadrukken op zowel korte als lange termijn.

Het bezoldigingsbeleid is gericht op de mediaan van de relevante beloningsmarkt en bevat de daarbij behorende vaste en resultaatafhankelijke componenten. Als relevante beloningsmarkt is gedefinieerd de algemene Nederlandse arbeidsmarkt voor bestuurders van ondernemingen van vergelijkbare omzet, personeelsgrootte en complexiteit.
Het totale beloningspakket voor de leden van de Raad van Bestuur bestaat uit de volgende componenten:

a. een vast bruto jaarsalaris;
b. een korte termijn variabele beloning;
c. een lange termijn variabele beloning;
d. een pensioenvoorziening;
e. overige beloningselementen.

Ad a. Vast bruto jaarsalaris Voor het vaste bruto jaarsalaris van de voorzitter en leden van de Raad van Bestuur wordt uitgegaan van het mediaanniveau van de eerder genoemde referentiegroep van vergelijkbare ondernemingen.

Ad b. Korte termijn variabele beloning De korte termijn variabele beloning (één jaar) is gericht op de realisatie van gekwantificeerde, beïnvloedbare en uitdagende doelstellingen binnen het lopende jaar. Het maximum van dit variabele salaris bedraagt 30% van het vaste bruto jaarsalaris (voor de voorzitter van de Raad van Bestuur 35%).

Ad c. Lange termijn variabele beloning De lange termijn variabele beloning uit het beloningspakket betreft een lange termijn beloningsregeling. Deze is gericht op de realisatie van kwantificeerbare, beïnvloedbare en uitdagende doelstellingen op middellange termijn (drie jaar). De regeling is tevens bedoeld als instrument ter behoud van betrokkenen (‘retentie’). Het maximum van de lange termijn variabele beloning bedraagt 30% van het vaste bruto jaarsalaris (voor de voorzitter van de Raad van Bestuur 35%). De gelijke verdeling van de variabele beloning over een korte en een lange termijn variabele beloning waarborgt een gebalanceerde focus op zowel de korte als de lange termijn doelstellingen.

Jaarlijks worden de specifieke doelstellingen voor de Raad van Bestuur voor de korte en lange termijn variabele beloning vastgelegd in een scorecard. De prestatiecriteria en de onderlinge verhoudingen binnen en tussen de criteria voor zowel de korte als de lange termijn variabele beloning worden aan het begin van ieder jaar in overleg met de Raad van Bestuur door de Selectie- Benoemings- en Remuneratiecommissie geformuleerd en vastgesteld door de Raad van Commissarissen. Gedurende het jaar wordt de voortgang gemonitord. Na afloop van het jaar wordt de mate van realisatie van de geformuleerde doelstellingen op voorstel van de Selectie-, Benoemings- en Remuneratiecommissie door de Raad van Commissarissen vastgesteld. De mate waarin de doelstellingen zijn gerealiseerd wordt mede bepaald op basis van onafhankelijke externe onderzoeken en van de door de externe accountant geverifieerde jaarrekening.

Als van een doelstellingscomponent minder dan het van tevoren afgesproken minimumniveau wordt gerealiseerd, is voor die component in het geheel geen sprake van uitbetaling van een variabele beloning. De Raad van Commissarissen heeft in bijzondere situaties de discretionaire bevoegdheid van deze beleidsregels af te wijken. Voorts worden de bepalingen II.2.10 (beneden-/bovenwaartse aanpassing) en II.2.11 (claw back clausule) van de Nederlandse corporate governance code toegepast op de korte termijn en lange termijn variabele beloning.

Ad d. Pensioenvoorziening Beleid is dat de leden van de Raad van Bestuur deelnemen in de ook voor de werknemers van de onderneming geldende pensioenregeling, zoals die thans is ondergebracht bij de Stichting Pensioenfonds ABP. Sinds 1 januari 2004 betreft dit een volledige middelloonregeling, met een pensioenrichtleeftijd van 65 jaar; vervroegde pensioeningang behoort tot de mogelijkheden. Conform het huidige gebruik in de sector vindt pensioenopbouw plaats over het vaste bruto jaarsalaris, waarbij de leden van de Raad van Bestuur een eigen bijdrage verschuldigd zijn voor deelname aan de pensioenregeling.

Ad e. Overige beloningselementen Buiten de hiervoor beschreven beloningselementen hebben de leden van de Raad van Bestuur aanspraak op een tegemoetkoming in de ziektekosten, een representatievergoeding, evenals een dienstauto.Tevens heeft de onderneming ten behoeve van de leden van de Raad van Bestuur een ongevallenverzekering alsmede een bestuurdersaansprakelijkheidsverzekering afgesloten. Voor nevenfuncties geldt een restrictief beleid conform de bepalingen van de Nederlandse corporate governance code.

Arbeidsovereenkomsten

Elk lid van de Raad van Bestuur heeft een arbeidsovereenkomst met de vennootschap. Beleid is dat arbeidsovereenkomsten met leden van de Raad van Bestuur worden aangegaan voor bepaalde tijd (in de regel vier jaar), waarna eventueel verlenging kan plaatsvinden. In geval van beëindiging door de vennootschap van de arbeidsovereenkomst is het beleid dat een lid van de Raad van Bestuur in een dergelijke situatie recht heeft op eenmaal het vast bruto jaarsalaris. Onder bepaalde omstandigheden wordt deze eenmalige uitkering ook uitgekeerd indien een lid van de Raad van Bestuur opzegt in geval van een zeggenschapswijziging of een onoverkomelijk verschil van inzicht ten aanzien van het beleid van de vennootschap.

De Raad van Bestuur van n.v. Nuon bestond van 1 januari tot 30 juni 2009 uit de heer Ø. Løseth (voorzitter Raad van Bestuur en CEO) en de heer D.G. Vierstra (lid Raad van Bestuur en CFO). Als gevolg van de splitsing zijn de heren Ø. Løseth en D.G. Vierstra per 30 juni 2009 teruggetreden als leden van de Raad van Bestuur van Nuon. Per 30 juni 2009 is de heer P.C. Molengraaf door de Raad van Commissarisen benoemd tot nieuwe voorzitter van de Raad van Bestuur van Alliander N.V.
De arbeidsovereenkomsten met de heren Løseth en Vierstra zijn aangegaan voor een periode van vier jaar. Bij de benoeming van de heer Molengraaf tot voorzitter van de Raad van Bestuur van Alliander per 30 juni 2009 is het bestaande arbeidscontract met de heer Molengraaf gehandhaafd. De heer Molengraaf heeft een arbeidscontract voor onbepaalde tijd, waarbij een beëindigingvergoeding geen deel uitmaakt van het contract. De duur van de arbeidsovereeenkomst van de heer Molengraaf is niet in overeenstemming met het geformuleerde beleid respectievelijk best practice bepaling II.1.1 van de Nederlandse corporate governance code; ook wordt afgeweken van best practice bepaling II.2.8 betreffende de maximale ontslagvergoeding voor bestuurders.