Tweetalig werken, zo doen we dat
In steeds meer bedrijven werken collega’s met mensen uit andere landen. Internationale vakmensen die hun werk goed verstaan en veel ervaring meebrengen, maar voor wie de Nederlandse taal nog een uitdaging is.
In steeds meer bedrijven werken collega’s met mensen uit andere landen. Internationale vakmensen die hun werk goed verstaan en veel ervaring meebrengen, maar voor wie de Nederlandse taal nog een uitdaging is.
Bij Alliander zien we deze groep als cruciaal voor de toekomst. Door de krapte op de arbeidsmarkt hebben we hun inzet en expertise hard nodig. Tegelijk willen we dat zij zich welkom voelen, kunnen meedoen en zich verder kunnen ontwikkelen. Dat vraagt iets van de manier waarop we het werk organiseren.
Met het programma Tweetalige Organisatie (2TO) bereiden we teams en werkprocessen daarop voor. Zodat internationale collega’s zich welkom voelen, kunnen meedraaien in het werk en blijven.
Internationaal samenwerken vraagt om duidelijke afspraken, aanpassingen in taal en een open houding. Met 2TO helpen we teams daar bewust mee om te gaan. Denk aan tweetalige documenten, eenvoudig taalgebruik in overleggen en heldere teamafspraken.
De aanpak is altijd op maat, met aandacht voor zowel de zachte kant (taal, cultuur, samenwerking) als de harde kant (documentatie, werkinstructies, planning).
Daarnaast bieden we ondersteunende middelen, zoals een toolbox met trainingen en workshops, om teams en leidinggevenden te helpen in de praktijk. Teams die hier al mee aan de slag zijn ervaren meer rust en een betere samenwerking en zien dat nieuwe collega’s sneller hun plek vinden.
Als dit goed is ingericht, werkt het voor iedereen prettiger. Zo weten teams wat er nodig is en internationals voelen zich welkom en vinden sneller hun plek.
De inzet van internationale vakmensen stopt niet bij de voordeur van Alliander. Ook onze ketenpartners krijgen hiermee te maken of zijn er al volop mee bezig. Daarom delen we onze kennis en aanpak graag. Samen kunnen we de voorwaarden creëren waarin nieuwe collega’s, waar ze ook vandaan komen, kunnen meedoen en bijdragen.